(bijna) bij de club van 27

Onderstaand stukje schreef ik een tijd geleden. Ik was nog niet eerder klaar om het te delen, maar het van me af schrijven deed me destijds al heel erg goed. Ik was toentertijd zó depressief dat ik meerdere keren om een opname heb gevraagd. Ik heb deze niet gekregen. Het is tegenwoordig erg lastig om een opname te krijgen. En ben je eenmaal opgenomen in een crisisopvang, dan moet je ook weer zo snel mogelijk weer naar huis. Vroeger had je instellingen waar je een aantal maanden kon verblijven, waar rust en regelmaat werd geboden. Dit had me heerlijk geleken.

Ik heb tijdens mijn depressie een tijdje noodgedwongen bij vrienden moeten wonen, omdat ik niet meer voor mezelf kon zorgen. Door de opvang van de mensen om mij heen heb ik geleerd dat ik er niet alleen voor sta. Tegelijkertijd werd er vanuit de instelling waar ik een dagbehandeling volgde een aanvraag voor me gedaan voor thuishulp, zodat ik ondersteuning thuis zou krijgen. Het was nodig. Na een aantal maanden was de aanvraag voor de thuishulp rond. Een beetje te laat. Door een reorganisatie was de aanvraag voor mij op een stapel blijven liggen. Eind goed al goed, want ik heb mij uiteindelijk kunnen redden met de mensen om mij heen. Op die manier kan ik er een positieve draai aan geven. Toch doet het me verdriet als ik denk aan de mensen die geen vrienden of familie om zich heen hebben die kunnen bijspringen. En zo ben ik vast niet de enige die tussen wal en schip is gevallen als het gaat om psychische zorg. Er zijn jaarlijks rond de 1900 mensen in Nederland die uit het leven stappen. Ieder is er eentje teveel.

Oktober 2018 #wilikdood?

De hulpverlener kijkt me indringend aan. ‘’Dus je wil niet dood?’’ Ik vind dit altijd zo’n kutvraag. Nee. Natuurlijk wil ik niet dood. Ik denk dat niemand, maar dan ook niemand, echt dood wil. Mensen doen elkaar de meest verschrikkelijke dingen aan, zodat ze maar kunnen overleven. De overlevingsdrang van onze soort is erg groot. Dus nee, ik geloof niet dat je oprecht dood zou willen. Het enige wat je wel wil, is niet meer lijden. Omdat leven lijden is geworden. Je wil de rust, die de dood je denkt te zal geven.

 Mensen springen niet voor hun lol voor de trein. Of van een gebouw af. Je doet dit, denk ik, omdat je de pijn niet meer wil voelen die je voelt. Ik weet dus niet of ik wel de ballen heb om zomaar van een flatgebouw te springen. Sowieso, het zou erg sneu zijn voor de mensen die me zouden vinden of er ooggetuige van het spektakel zullen zijn. Van een flatgebouw afspringen wordt ‘m dus niet. En ook voor de trein lijkt me erg onhandig. Niet alleen voor de machinist, maar ook voor de mensen in de trein. Verder lijkt het me ook heel veel rotzooi geven, en dat zou ik dan ook weer niet iemand willen aan doen. Polsen misschien doorsnijden dan. Dan zal ik wel een heel scherp mes ergens vandaan moeten toveren, en die heb ik niet. En ik ben eigenlijk ook wel bang voor bloed, dus ik weet ook niet of dat nou wel zo’n goed idee is.

Hoewel het me een vreselijk moeilijke keus lijkt om een eind aan je leven te gaan maken, snap ik het inmiddels wel. Wanneer het leven je zo erg laat lijden en alles wat je doet als een marteling van het bestaan voelt, heb je geen leven. Ik heb het geluk dat mijn echt zware depressieve episode maar aan aantal maanden duurt. Op het moment dat ik erin zit lijkt het oneindig te zijn, maar achteraf gezien is de meest kritieke toestand relatief gezien niet lang. Als dit jaren zou duren, weet ik ook niet zo goed of ik dat zou redden.

Terug naar de behandelkamer

”Nee, ik wil niet dood, maar leven wil ik ook niet meer. Ik wil alleen maar rust. Ik wil worden opgenomen.”  Het lijkt me namelijk niet echt een goed teken dat verschillende opties om een eind aan mijn leven te maken al door mijn hoofd zijn gepasseerd. Ook heb ik er in mijn hoofd al een soort vrede mee gevonden dat ik mensen in mijn omgeving nooit meer zal gaan zien. Ik neem al afscheid van mensen in mijn hoofd. Het enige wat me nog ontbreekt is lef. De meest voor de hand liggende opties hebben namelijk wel een flinke dosis lef nodig.  ”Ja, je weet dat dat erg lastig is, om te worden opgenomen. Er zijn eigenlijk bijna geen plekken meer in Nederland die dit aanbieden. En als je dan wordt opgenomen kom je eerst tussen allerlei mensen die erg psychotisch zijn. Ik betwijfel of je daar je rust zal krijgen. Heb je concrete plannen om uit het leven te stappen?”. En weer moet ik op deze vraag nee beantwoorden. Concreet zijn mijn plannen namelijk niet. Kritiek is de situatie, denk ik wel.

En dus sta ik na een aantal minuten weer buiten. Ik ben wel een soort van verbaasd, dat ik zo makkelijk weer buiten sta. Ik ben niet boos, ik ben alleen wel verbaasd over het feit dat je zo makkelijk weer naar huis wordt gestuurd. Had ik de situatie moeten overdrijven? Ik weet zelf ook dondersgoed dat de gedachten die ik heb, niet oké zijn. Maar blijkbaar zijn de gedachten toch niet ernstig genoeg om een bedje in ergens in een veilige omgeving van een instelling te krijgen. Doordat ik al een tijdje mediteer kan ik nog wel net een soort van afstand nemen van mijn gedachten. Maar dit kost ontzettend veel moeite. Ik voel me echt radeloos en verloren.  

Het zal wel een geldkwestie zijn. Vroeger, bestonden er nog rustoorden, waar je een aantal maanden naar toe kon, als het leven te zwaar voor je geworden was. Zoiets lijkt me dus heerlijk. In een vertrouwde en beschermde omgeving opladen. Rust en regelmaat. Ik heb de afgelopen weken al ontzettend veel steun gehad van lieve vrienden om me heen, die me helpen waar ze kunnen. Ik kan bij ze slapen, en daar zorgen ze voor me. Maar ook het heen en weer reizen kost me veel energie. Voor mezelf zorgen lukt niet, het reizen lukt ook bijna niet, en opgenomen worden kan niet. Ik val echt compleet tussen wal en schip. En ik zal vast niet de enige zijn.

~Mei 2019

April 2019, In mijn natuurlijke habitat, het bos.

Het blijft verdrietig om te lezen dat ik zo diep zat. Nadat ik mezelf uit het zwarte gat heb geknokt en maanden heb gejankt is de zon steeds vaker voor me gaan schijnen. Ik kan oprecht zeggen dat ik steeds meer geluk en flow ervaar in mijn leven. Daar ben ik ontzettend dankbaar voor. De tools die ik mezelf heb aangeleerd zoals meditatie en yoga hebben me ontzettend sterk gemaakt. Ik weet niet wat de toekomst me gaat brengen, maar met de lieve mensen om mij heen en een lach op mijn gezicht, weet ik dat het goed zal zijn. Kom maar op, I am ready for ya.

Heel veel liefs,

Ruth Elmira

2 gedachtes over “(bijna) bij de club van 27

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s